Slapen

Een derde van je leven

Een goede nachtrust is essentieel voor uw functioneren gedurende de dag. Ieder mens slaapt ongeveer een derde van zijn leven, dus u zult veel tijd doorbrengen in uw bed. Een matras gaat over het algemeen tien jaar mee en de meeste goede matrassen zijn niet goedkoop. Het is daarom aan te raden uzelf goed te laten informeren voor u een nieuwe matras gaat kopen. Onze verkooppunten hebben naast een brede collectie ook allemaal reeds lang ervaring in de slaapbranche. Hierdoor is de kans dat u een verkeerde aankoop doet een stuk kleiner. Een matras moet namelijk niet alleen van goede kwaliteit zijn, maar ook passen bij u als persoon, compleet met uw voorkeuren en slaapeigenschappen.

Bij Hml Bedding hopen we dat u heerlijk zult slapen op uw nieuwe boxspring. Om u daarbij extra te helpen, vertellen we u op deze pagina graag meer over slapen in het algemeen. Onderaan deze pagina vindt u bovendien enkele tips om (nog) meer van uw nachtrust te kunnen genieten.

Hoe verloopt onze slaap?

Onze slaap verloopt niet 'lineair': periodes van diepe slaap wisselen af met periodes van lichte slaap en gedurende de nacht kunt u (bewust of onbewust) zelfs één of meerdere keren wakker worden.

 

Je kan weken overleven zonder eten, maar je kan slechts 11 dagen leven zonder slaap
 

Slaapritmes

Iedereen heeft min of meer hetzelfde slaapritme. Onze slaap bestaat uit twee delen, te weten:

- NREM (non-rem)-slaap
- REM-slaap

REM-slaap staat voor Rapid Eye Movement-slaap. Rapid Eye Movement betekent letterlijk 'snelle oogbewegingen'. Tijdens deze fase maakt u dus snelle oogbewegingen in uw slaap. De NREM is de Non Rapid Eye Movement slaap. De NREM-slaap beslaat het grootste deel van de tijd die we slapen. Ongeveer 75 tot 80% van de tijd die wij slapen bevinden wij ons in de NREM-fase. Als we slapen wisselen NREM-slaap en REM-slaap elkaar af. We beginnen met de NREM-slaap en daarna volgt de REM-slaap.

NREM-slaap

De NREM-slaap is verdeeld in vier fases. De eerste fase van de NREM-slaap is de lichte slaap. Gedurende deze fase zijn we half wakker en half in slaap. In deze fase kunt u merken dat u zo nu en dan onwillekeurig beweegt en kunt u gemakkelijk ontwaken. Na ongeveer tien minuten van lichte slaap komen we in de volgende fase, de echte slaap. Dit deel van de slaap duurt meestal twintig minuten. Gedurende deze fase gaat het ritme van onze hartslag en onze ademhaling omlaag. Daarna komen we in de derde fase van de NRE- slaap. Onze hersenen beginnen de zogenaamde Delta-golven te produceren (volgens sommige wetenschappers verbonden met de herstelstadia van de slaap). Onze hartslag en ademhaling bereiken nu hun langzaamste ritme. De vierde fase van de NREM-slaap wordt gekenmerkt door ritmische ademhalingen en kleine spierbewegingen. Wanneer we in deze fase ontwaken, voelen we ons slaperig en slap en weten we een paar minuten niet waar we zijn. Dit is de periode van de slaap waarin sommige kinderen in bed plassen of gaan slaapwandelen.

Slapen is reizen naar de wereld van je dromen
 

REM-slaap

Na de NREM-slaap komen we in het stadium van de REM-slaap. Normaal gesproken begint deze fase ergens tussen de 70 en 90 minuten nadat we in slaap gevallen zijn. Alhoewel we niet bij bewustzijn zijn gedurende de REM-slaapfase is ons brein zeer actief. Vaak nog actiever dan wanneer we wakker zijn. Onze gesloten ogen schieten heen en weer. Daar komt ook de naam van deze fase, Rapid Eye Movement, vandaan. Onze ademhaling versnelt en onze bloeddruk neemt weer toe. Maar verder zijn we als verlamd en bewegen we ons niet. Dit is de fase van onze slaap waarin we dromen.

Slaapcyclus

Nadat de REM-slaap is afgelopen, begint de NREM-slaap weer en herhaalt de cyclus zich. Gemiddeld hebben we drie tot vijf periodes van REM-slaap gedurende de nacht. De NREM en REM wisselen elkaar af in een cyclus van ongeveer 90 tot 110 minuten. De verhoudingen tussen NREM- en REM-slaap worden echter in de loop van de nacht anders. Per cyclus krijgt de REM-slaap een steeds groter wordende rol en dus dromen wij meer aan het einde van onze slaap dan in het begin.

Dromen

Tijdens de REM-slaap dromen we het meest. Iedereen die slaap, droomt, ook al weten we niet altijd dat we gedroomd hebben. Sommige mensen herinneren zich hun dromen, anderen niet. Of u zich uw droom nu herinnert of niet, we dromen heel veel en hebben ongeveer vijf tot zeven dromen per nacht. Dromen hebben niet allemaal dezelfde lengte. Sommige dromen duren maar vijf minuten, terwijl andere waarschijnlijk wel twintig minuten of langer kunnen duren.

Doe je geen oog dicht, dan heb je geen slaap en veel zicht
 

Slaaptekort en de gevolgen

Als iemand te weinig slaapt, dan herstelt die persoon lichamelijk en geestelijk onvoldoende. Slaapgebrek leidt tot intense vermoeidheid, humeurigheid, verminderde concentratie en lage weerstand, omdat het immuunsysteem verstoord raakt. Ook de reactiesnelheid van iemand met slaapgebrek neemt af en het geheugen werkt minder goed.

Op den duur kunnen grotere gezondheidsproblemen ontstaan. De stofwisseling verloopt minder goed en er is een grotere kans op maag- of darmklachten, hart- en vaatziekten en diabetes. Chronisch slaapgebrek kan tevens leiden tot depressiviteit en geheugenklachten.

Mensen die slecht slapen hebben soms last van een specifieke slaapstoornis. Maar slapeloosheid kan ook het gevolg zijn van andere factoren. Hieronder geven wij u graag een paar tips om (nog) beter te kunnen slapen. Heeft u hier vragen over? Stel ze bij één van onze verkooppunten. 

  • 1

    Ga op vaste tijden naar bed en sta op vaste tijden op

    Houd deze tijden bij voorkeur ook in het weekend aan. Bedenk hoe laat u ’s morgens op moet staan, tel dan ruim acht uur terug en zorg dat u op die tijd ook echt in bed ligt. Denk eraan dat de meeste mensen ongeveer vijftien minuten nodig hebben om in slaap te vallen, neem die tijd dus mee in de berekening. Wanneer u zichzelf een goed slaapritme wilt aanleren, is het goed om u gedurende minimaal twee weken stipt te houden aan de door u gekozen slaap- en wektijden. Nog beter is het om dit ritme dertig dagen vol te houden. Een vast slaapritme kan echt wonderen voor u doen!

  • 2

    Zorg dat u voldoende tijd neemt om te slapen

    Wanneer u ’s morgens om zes uur op moet staan, ga dan niet pas tegen twaalf uur ’s nachts naar bed. Op die manier kunt u een slaaptekort opbouwen dat op de lange termijn voor een slaapprobleem kan zorgen. Uw lichaam en geest hebben bovendien even de tijd nodig om in slaap te vallen. Wanneer u deze tijd niet neemt, kan dit zelfs voor extra spanning zorgen, waardoor u minder gemakkelijk in slaap valt. Zorg voor een relaxt avondritueel, dat u voldoende ruimte biedt om het aantal uren te slapen dat u nodig heeft.

  • 3

    Zorg dat u niet te lang in bed ligt

    Niet iedereen heeft dezelfde hoeveelheid slaap nodig. Het kan zijn dat uw slaapbehoefte minder is dan u misschien denkt. Slaap zoveel als nodig is om u de volgende dag uitgerust en fris te voelen. Ligt u vaak wakker in bed, probeer dan eens wat minder te slapen. Wanneer u overdag geen problemen ondervindt van het feit dat u minder tijd in bed doorbrengt, hebt u de voor u geldende slaaptijd gevonden. Vindt u het moeilijk de voor u ideale slaaptijd te vinden? Dan kan het nuttig en leerzaam zijn om een tijdje op te schrijven hoe laat u gaat slapen, hoe lang u wakker ligt, hoe laat u opstaat en hoe uitgerust u zich de volgende morgen voelt. Wellicht kunt u hierin een patroon ontdekken, dat u inzicht geeft in uw ideale hoeveelheid slaap.

  • 4

    Slaap niet tussendoor

    Wanneer u problemen hebt met slapen, kunt u beter geen middagdutje doen of ’s avonds op de bank in slaap vallen. Powernaps en siësta’s maken u vaak alleen maar vermoeider, omdat u niet goed en/of lang genoeg in een diepe slaap komt om echt te herstellen. Ook verstoren deze slaapjes tussendoor het slaap- waakritme. In landen waar een siësta normaal is, zal dit waarschijnlijk anders liggen. Hier hoort het ‘s middags slapen bij het normale slaap- waakritme of slaappatroon.

  • 5

    Ontwikkel een vaste routine die u iedere avond volgt voor u gaat slapen

    Misschien vindt u het prettig om wat te lezen voor u gaat slapen. Of wandelt u even met de hond buiten, of drinkt u een glaasje warme melk. Houd deze routine dan iedere avond aan, uw geest gaat dan wennen aan het feit dat dit betekent dat er zo dadelijk geslapen gaat worden. Daardoor kan uw geest makkelijker de dag loslaten. Daarnaast gaat ook uw lichaam zich op deze manier klaarmaken om te gaan slapen, door het slaaphormoon Melatonine aan te maken. Melatonine zorgt ervoor dat u slaperig wordt en gemakkelijker in slaap zult vallen. Het hormoon wordt door verschillende factoren aangemaakt, zoals een vermindering van daglicht, maar ook bijvoorbeeld voeding kan van invloed zijn op de aanmaak van Melatonine.

  • 6

    Ontspan voor u gaat slapen

    Zorg dat u het laatste uur of half uur voor u naar bed gaat geen inspannende of emotioneel inspannende dingen doet. Luister naar wat rustgevende muziek, lees wat in een mooi boek. Hoewel voldoende lichamelijke inspanning overdag ertoe kan leiden dat u beter slaapt, kunt u beter niet meer intensief sporten tot twee à drie uur voor u gaat slapen. Ook activiteiten die veel geestelijke inspanning vragen, kunt u het beste zoveel mogelijk vermijden. Vermijd daarnaast het gebruik van stimulerende middelen, zoals koffie, (zwarte) thee, cola en tabak, vlak voor het slapen gaan.

  • 7

    Zorg dat u het laatste uurtje voor u gaat slapen in een ruimte bent zonder fel licht

    Een schemerige kamer is beter om u voor te bereiden op de nacht, uw lichaam begint dan met het aanmaken van het slaaphormoon Melatonine. Niet alleen (felle) verlichting in uw woning, ook het licht van bijvoorbeeld uw laptop, telefoon of televisie verstoort de aanmaak van Melatonine en zorgt er op die manier voor dat u minder gemakkelijk in slaap komt. Door uzelf ‘s avonds veel bloot te stellen aan dit licht, ‘fopt’ u uw lichaam als het ware, door het te laten ‘denken’ dat het blootgesteld wordt aan daglicht. Door de verlichting te dimmen en zo min mogelijk gebruik te maken van beeldschermen, wordt de aanmaak van Melatonine zoveel mogelijk bevorderd.